Nabeschouwing Belgische Kampioenschappen Elite

BK elite

Nabeschouwing Belgische Kampioenschappen Elite

Afgelopen weekend kenden de Belgische kampioenschappen elite hun beslag in de legendarische sporthal De Lange Munte van de al even roemrijke Kortrijkse club Lebad. We kregen een prachteditie voorgeschoteld met verwachte en minder verwachte winnaars, livestreams die de fysieke afwezigheid van verslaggevers met voetballende en snotterende kinderen compenseerden en vooral: een deelnemersveld waarbij eigenlijk de facto iedere speler op zich al een kampioen is. Op een BK elite geraak je immers niet door je dagelijks glorieus op je derrière te vlijen. Nee, een dergelijk ticket bemachtig je enkel door stevige trainingsarbeid, het nodige doorzettingsvermogen en — uiteraard — voldoende talent.

Edoch, om even Jo Debecker (of is het Yoda Beckett?) — notoir Vlaams-Brabants clubspeler uit de jaren ’90 — te citeren: “Verschil moet er zijn.”

De trilogie is compleet

Wie reeds enkele jaren mijn verslagen leest, beseft wellicht dat ik de superlatieven bepaald niet schuw wanneer het Flore Vandenhoucke betreft. Een schier oneindige waslijst aan titels en trofeeën verder was er nog één lacune op te vullen in het prachtige palmares van de firecracker uit Ronse: een Belgische dames enkeltitel. Wel, liefste lezers, geschiedenis werd geschreven, want fabuleuze Flore wist zichzelf tijdens deze editie te kronen tot nationaal ladies singles champion, waarmee ze haar trilogie aan Belgische titels (in alle drie de disciplines) completeerde. Als u nog superlatieven op overschot heeft: u mag ze steeds mailen!

In de eindstrijd nam Vandenhoucke op emphatische wijze afstand van de piepjonge Léa Dauphinais. Nadat de laatste shuttle in de tramrails belandde, was het een prachtig beeld om te zien hoe Flore deze lang begeerde oppergaai savoureerde en de heerlijke emoties van zo’n zege liet binnensijpelen. Magnifiek.

Ook in het dubbel niets dan goud

En daarmee was de honger van Vandenhoucke nog niet gestild. Aan de zijde van Tammi Van Wonterghem wist Flore ook het dubbelspel binnen te rijven. In de finale werd afstand genomen van usual suspects Marie en Lisa Demeyere (een mens kan toch enkel en alleen maar respect tonen voor hun consistentie?), nadat in de halve finale Lise Jaques en Lien Lammertyn eigenlijk als enigen in staat waren aan een zege te snuffelen tegen de favorieten.

De mixtitel: jeugd neemt het roer over

Toch bleef de ongekroonde koningin van deze kampioenschappen dit weekend niet ongeslagen! Aan de zijde van marathonman Marijn Put (later meer over hem) moest ze de duimen leggen in de halve finale van het gemengd dubbel tegen uittredend kampioenen Tammi Van Wonterghem en de onvermijdelijke Freek Golinski. Tot verbijstering van vele volgers slaagden Freek en Tammi er niet in een hattrick van nationale mixtitels te scoren: de uiterst talentvolle youngsters Jonah Quintens en Lieke Van Parys zorgden wellicht voor de stunt van de kampioenschappen door zich naar een meer dan verdiende eerste (maar wellicht niet laatste?) Belgische mixtitel te mokeren! De souplesse, het tactisch vernuft en de beweeglijkheid van deze twee jonge goden lieten een diepe indruk na bij uw verslaggever… Een genot voor de zintuigen. Wie weet waar de limieten liggen voor Lieke en Jonah? Aim for the sky…

Een open strijd bij de heren

Nadat bleek dat beide topfavorieten voor de heren-enkeltitel — Julien Carraggi en titelverdediger Charles Fouyn — verstek lieten gaan voor de kampioenschappen, beloofde het een open strijd te worden. Twee voormalige laureaten, Marijn Put en de afscheidnemende Elias Bracke, namen het tegen elkaar op in een werkelijk bloedstollende halve eindstrijd. Lang leek Bracke het laken naar zich toe te trekken, maar na een ware slijtageslag was het toch de Limburgse geweldenaar Put die zegevierde.

Rolin regeert

In de eindstrijd bleek echter topreekshoofd Baptist Rolin duidelijk de meest frisse speler van de twee finalisten. Na een ware masterclass van scherp, flitsend en aanvallend badminton door de jonge Waal, werd al snel duidelijk dat het tempo simpelweg te hoog lag voor de vermoeide topper van landskampioen Hebad. Ver doordringen tot de eindfase in elke discipline had zijn tol geëist op de fysieke weerbaarheid van Marijn. Een impressionant parcours van Rolin, waarin weinig tot geen tegenstand geduld werd, resulteerde in een fraaie eerste Belgische titel. Met één zilveren en twee bronzen plakken kan protagonist Put echter terugblikken op zeer geslaagde kampioenschappen.

Brons met een randje:

Wellicht zal mighty Marijn vooral met enige weemoed terugblikken op de verloren halve eindstrijd met partner-in-crime Dylan Rosius (die als wildcard zelf een bronzen plak wegkaapte in het enkelspel). Met het allerkleinste verschil in de belle (24-22) werd de halve finale verloren tegen Freek Golinski — nog steeds op koers om elk mogelijk Belgisch record qua titels uit de tabellen te vegen — en Elias Bracke, die na de laatste rally net niet de tribunes indook.

Het laatste kunststuk van Elias Bracke

Deze laatste ging nog één keer all-in tijdens zijn laatste Belgische kampioenschappen. Elias timmerde jaren aan een internationale carrière, maar fysieke besognes noopten hem vorig jaar een andere loopbaan uit te stippelen. Aan de zijde van W&L-kompaan Golinski werd op de mooist mogelijke manier afscheid genomen. In een onderhoudende eindstrijd (wat was dat eerste game om duimen en vingers van af te likken!) gingen de gebroeders Van Delsen voor de bijl. Een erg knappe prestatie van Elias en Freek, wetende dat het de Van Delsen-boys internationaal behoorlijk voor de wind gaat met enkele sprekende resultaten op het challengercircuit.

Afscheid van een kampioen, op en naast het veld

Zo nemen we dus afscheid van een van de meest markante en succesvolle Belgische badmintonfiguren van de laatste jaren, goed voor verscheidene nationale titels in de drie verschillende disciplines. Los van de sportieve successen bleek Bracke ook een uiterst geschikte kerel naast het veld. Zijn verschijning zal dan ook danig gemist worden! Maar zoals een zekere N. Claes mij gisteren aan Den Dreef in al zijn wijsheid toevertrouwde: “Een titel moet je áltijd verdedigen.” Quid nunc, Elias?

Een kampioenschap om te koesteren

Zo… Wat hebben we er alweer van genoten! Een pracht van een kampioenschap — eentje voor de geschiedenisboeken wat mij betreft — in goede banen geleid door een uitstekend functionerende club (wel bedankt, Lebad!), een alles goed opvolgende bond (Badminton Vlaanderen 4 the win) en een uitmuntend korps van referees (jaja Nees, ik heb het o.a. over u).

Het was met spijt in het hart dat ik er niet in geslaagd ben al dat fraais persoonlijk gade te slaan… In een parallel universum waar er een surplus aan tijd, geen hartverbrijzelende blessures en een abondantie aan gelegenheid is, had ik erg graag ginds mijn metaforisch tentje opgeslagen om iedereen terug te zien, een boompje op te zetten en zelfs een wedstrijdje te spelen. Maybe next year?

Wat wel zeker is: badminton is en blijft de allermooiste sport. En daarmee basta.

Gegroet,

Helger Van Werde

« Terug